Nieuwe Europese aanbestedingsregels op komst: dit weten we al
24 juli 2026
Begin juli 2026 circuleerde een gelekte ontwerptekst voor een nieuwe Europese Public Procurement Act. Die tekst wijst op een grondige hervorming van de Europese regels rond overheidsopdrachten.
Belangrijk: het gaat voorlopig om een ontwerptekst. Er is nog geen definitief voorstel aangenomen en tijdens het verdere Europese wetgevingsproces kan er nog heel wat veranderen.
Toch geeft het ontwerp al een interessant beeld van de richting die Europa uit wil: eenvoudiger procedures, meer ruimte voor kwaliteit en onderhandelingen, meer digitalisering en een strategischere inzet van overheidsopdrachten.
Van drie richtlijnen naar één Europees kader
Vandaag bestaat het Europese kader voor overheidsopdrachten uit drie afzonderlijke richtlijnen voor klassieke overheidsopdrachten, nutssectoren en concessies.
De ontwerptekst zou die samenbrengen in één rechtstreeks toepasselijke Europese verordening. Dat is een belangrijke verandering: waar richtlijnen vandaag door de lidstaten worden omgezet in nationale regelgeving, zou een verordening rechtstreeks gelden.
Het doel? De regels binnen Europa vereenvoudigen en meer uniform maken.
Drie procedures als nieuwe basis
Ook het aantal procedures zou sterk worden vereenvoudigd. In de ontwerptekst blijven drie hoofdprocedures over.
De open-onderhandelingsprocedure zou de nieuwe standaard worden. Iedere geïnteresseerde onderneming kan daarbij een offerte indienen, waarna de aanbestedende overheid indien gewenst kan onderhandelen.
Daarnaast komt er een vereenvoudigde dynamische procedure voor meer routinematige aankopen van oplossingen die al op de markt bestaan en een innovatieprocedure voor behoeften waarvoor nog geen geschikte oplossing beschikbaar is. Vooral de grotere ruimte om te onderhandelen valt op. Waar onderhandelingen vandaag afhankelijk zijn van de gekozen procedure en voorwaarden, wil Europa ze veel meer onderdeel maken van het reguliere aankoopproces.
Wat zijn de belangrijkste veranderingen?
Naast de nieuwe procedures bevat de ontwerptekst nog een aantal opvallende voorstellen.
Kwaliteit krijgt meer gewicht.
De beste prijs-kwaliteitverhouding zou het uitgangspunt worden. Kwaliteitscriteria zouden in principe minstens 30% van de totale score moeten vertegenwoordigen. Bij arbeidsintensieve opdrachten zou dat oplopen tot minstens 50%. Wie uitsluitend op prijs wil gunnen, zou dat moeten motiveren.
Lagere drempels voor kmo's.
Ook selectiecriteria worden strenger begrensd. Zo zou de minimale jaaromzet die van een onderneming wordt gevraagd in principe maximaal 50% van de geraamde opdrachtwaarde mogen bedragen. Eerdere ervaring met overheidsopdrachten zou niet zomaar meer als vereiste mogen worden opgelegd. Daarmee wil Europa de toegang voor kleinere en nieuwe spelers verbeteren.
Meer aandacht voor 'Made in Europe'.
Overheidsopdrachten worden nadrukkelijker gekoppeld aan de strategische autonomie van Europa. De ontwerptekst creëert mogelijkheden om bij bepaalde opdrachten rekening te houden met de oorsprong van goederen en diensten en om Europese oplossingen een sterkere positie te geven, rekening houdend met de internationale handelsverplichtingen van de EU.
Duurzaamheid wordt structureler.
Ook groen en circulair aanbesteden krijgt een prominentere plaats. Europa zou verplichte groene criteria kunnen vastleggen voor bepaalde productcategorieën, bijvoorbeeld rond energie-efficiëntie, circulariteit, gerecycleerde materialen en levenscyclusinformatie.
Veiligheid wordt een aanbestedingsthema.
Bij gevoelige opdrachten zou meer aandacht kunnen gaan naar economische veiligheid. Aanbesteders zouden bijvoorbeeld de eigendomsstructuur en zeggenschap van ondernemingen kunnen onderzoeken wanneer een opdracht betrekking heeft op kritieke infrastructuur, gevoelige informatie of cybersecurity.
Meer plannen én meer data
Een andere opvallende verandering vindt plaats vóór een opdracht op de markt komt.
Aanbestedende overheden zouden aan het begin van iedere begrotingsperiode een behoefteplan moeten publiceren met de opdrachten die ze verwachten uit te schrijven. Ondernemingen krijgen daardoor vroeger zicht op toekomstige overheidsopdrachten en aanbesteders worden gestimuleerd om hun aankopen verder vooruit te plannen.
Tegelijk wil Europa veel sterker inzetten op digitalisering en data.
Nationale e-Procurementsystemen zouden beter met elkaar verbonden moeten worden en gegevens over ondernemingen zouden volgens het once-only-principe hergebruikt moeten kunnen worden: informatie waarover een overheid al beschikt, hoeft een onderneming niet telkens opnieuw aan te leveren.
Daar staat wel een uitgebreidere rapportering tegenover. Volgens de ontwerptekst zouden lidstaten aanbestedingsgegevens, waaronder informatie over contracten, betalingen en onderaanneming, veel systematischer moeten verzamelen.
Eenvoudiger aanbesteden, maar ook strategischer
Opvallend is de dubbele beweging in het voorstel.
Enerzijds wil Europa het aanbestedingsrecht vereenvoudigen: minder procedures, meer uniforme regels, meer digitalisering en minder administratieve herhaling.
Anderzijds wordt van publieke aankopers verwacht dat ze overheidsopdrachten steeds strategischer inzetten. Niet alleen prijs en juridische conformiteit tellen, maar ook kwaliteit, duurzaamheid, innovatie, economische veiligheid en Europese weerbaarheid.
De regels moeten dus eenvoudiger worden, terwijl de keuzes van de publieke aankoper strategischer worden.
Voor aanbestedende overheden kan die evolutie meer flexibiliteit bieden, maar ze vraagt tegelijk voldoende kennis en voorbereiding om die ruimte goed te benutten.
Wat betekent dit voor België?
Voorlopig verandert er niets aan de Belgische aanbestedingspraktijk.
De huidige Belgische en Europese regelgeving blijft gewoon van toepassing. Bovendien bevindt ook België zich midden in een eigen hervorming van de regelgeving rond overheidsopdrachten.
Pas wanneer het Europese voorstel definitief vorm krijgt, zal duidelijk worden hoe beide hervormingen zich tot elkaar verhouden en welke impact ze concreet zullen hebben op Belgische aanbestedende overheden.
Ook de timing vraagt dus enige nuance. Na het officiële voorstel moeten het Europees Parlement en de Raad zich nog over de tekst buigen. Een hervorming van deze omvang zal niet van vandaag op morgen in werking treden.
Nog geen nieuwe regels, wél een duidelijke richting
De gelekte ontwerptekst is geen geldend recht. Veel bepalingen kunnen tijdens het verdere wetgevingsproces nog wijzigen of zelfs verdwijnen.
Maar de richting is interessant: Europa wil naar een eenvoudiger en uniformer aanbestedingskader, met meer ruimte voor onderhandelingen en kwaliteit en een sterkere focus op duurzaamheid, digitalisering en Europese strategische belangen.
Voor publieke aankopers is dit daarom vooral een ontwikkeling om nu al te volgen – niet om de huidige werkwijze al op aan te passen.
Tender Portal volgt de Europese hervorming van het aanbestedingsrecht verder op. Zodra het officiële voorstel wordt gepubliceerd, vertalen we de belangrijkste veranderingen opnieuw naar de praktijk.